Hofjes zijn een vroege vorm van bejaardenzorg en sociale woningbouw tegelijk, een oudedagsvoorziening voor arme, oude mensen. De oudjes woonden er gratis. Vanaf de straat zijn hofjes vaak moeilijk te zien. De woninkjes zijn meestal gebouwd achter de bebouwing aan de straat. Een hofje is doorgaans een rechthoekig complex, waarvan de huisjes in U- of L-vorm rond een bleekveld (tegenwoordig meestal tuin) zijn gebouwd. Op het binnenterrein staat vaak een waterpomp met een lantaarn. Het poortgebouw bevat vaak een regentenkamer (meestal op de verdieping), waarvan de luxueuze inrichting in schril contrast staat met de sobere woninkjes. In Amsterdam zijn hofjes vanwege het gebrek aan ruimte in de binnenstad vaak erg klein en soms niet veel meer dan een straatje met inpandige huisjes achter de bebouwing aan de straat (vaak bestaan deze huisjes al vóór de stichting van het hofje: huisjes gelegen aan een “gang”).
Er is dan geen ruimte voor een bleekveld of tuin. Veel inpandige huisjesgroepen, welke te bereiken waren door tussen de huizen uitgespaarde gangen, waren niets anders dan door particulieren geëxploiteerde huurwoninkjes. Zij worden ook vaak “hofjes” genoemd. Op deze site staan de “echte” hofjes centraal.
Deze hofjes zijn stuk voor stuk idyllische plekjes, waar het stadsrumoer is buitengesloten en waar het lijkt alsof de tijd heeft stilgestaan.Hofjes zijn meestal stichtingen, bestemd voor de
huisvesting van arme bejaarden. Ze zijn zo genoemd omdat ze meestal gebouwd
werden als een verzameling kleine huisjes rond een gemeenschappelijk
binnenterrein.
Vaak is er slechts één in- en uitgang, die via een gang of door een hal
uitkomt op de openbare weg. Gewoonlijk was er een portier, die de openings- en
sluitingstijden in de gaten hield (dus op het vastgestelde uur de poort sloot en
er niemand meer inliet) en verder hand- en spandiensten verleende aan de
bewoners en de regenten. Het bestuur van de stichting bestond bij de stichting
meestal uit familieleden van de stichter, maar later kwamen veel hofjes onder de
zeggenschap van instellingen op het gebied van de armenzorg.
Vaak was er een aparte vergaderruimte voor het bestuur, de regentenkamer. In enkele gevallen is die kamer buitengewoon fraai aangekleed. De regenten regeerden soms met vrij strenge hand en bonden de bewoners aan een reglement, dat zeer veel zaken voorschreef. Voor de bewoners was het een grote gunst dat zij gratis mochten wonen en vaak nog uitkeringen in de vorm van brood, vlees, bier, hemden en schoenen kregen; daar mocht wel tegenover staan dat zij zich heel netjes en dankbaar zouden gedragen. Het leven in een hofje was doorgaans dan ook een toonbeeld van rust en netheid.
Hofjes werden meestal gesticht door rijke, bejaarde mensen. Zonder twijfel hoopten ze dat, na hun dood, de gebeden van de bewoners zouden helpen bij het verkrijgen van een plekje in de hemel.
Hierna volgen beschrijvingen en afbeeldingen van
diverse Amsterdamse Hofjes op alfabetische volgorde.
U kunt zelf een beslissing nemen of en welke hofjes u wilt bezoeken.
Bij elk hofje staat het adres erbij.
Veel plezier en genoegen.
Enkele toepasselijke links:
Opmaak en fotografie: L.A.M. Reniers