Het Sint Andrieshofje is gelegen aan de Egelantiersgracht 105-141.
Het Sint Andrieshofje is het oudste nog bestaande hofje van Amsterdam (op het Begijnhof na). Het hofje is gesticht in 1614 en gebouwd in 1617. Op een oude prent van de Egelantiersgracht van G. Lamberts (1776-1850) uit 1818 is de oude situatie weergegeven: een breed laag pand met kruiskozijnen en een houten onderpui. De drie houten onderpuien met gekoppelde deuren zijn nog aanwezig, maar de kruiskozijnen zijn vervangen door ramen met roedeverdeling. De naam van het hofje is boven de ingang geschilderd. Bovendien is het gebouw begin deze eeuw verhoogd.

Tekening G.Lamberts uit 1818.
Foto uit 1953.
In 1614 had de rijke ongehuwde veehouder Ivo Gerritsz. testamentair bepaald dat zijn nalatenschap aan een hofje moest worden besteed, voor “al sulcke eerlicke arme persoonen”. Ivo’s neef Jan Jansz. Oly (de vader van de bekende priester Jacob Oly) schonk de benodigde grond, waarop in 1617 het Sint Andrieshofje verrees. Het hofje werd genoemd naar de naam van het huis van Jan Oly (“in Sint Andries”, Nieuwendijk 213). Toen Jan Oly in 1615 overleed, verhuisde zijn weduwe naar De Pinas (Singel 290), waar zij het uithangbord met Sint Andries opnieuw aanbracht. Het Sint Andrieshofje was bestemd voor behoeftige rooms-katholieke weduwen. Het hofje kwam in 1699 onder de hoede van het pastoraat van het Begijnhof.
Een helder blauw betegelde gang leidt naar de binnenplaats en kijkt uit op een fraaie kleine 18de eeuwse waterpomp. Op het binnenterrein zijn steeds op fraaie wijze drie deuren gekoppeld met ramen en bovenlichten. De middelste deur leidt naar de bovenwoningen. Oorspronkelijk waren er 36 woninkjes voor 66 bewoners; tegenwoordig één persoon per woninkje. In het gebouw aan de gracht bevinden zich eveneens hofjeswoningen.
Boven de oostelijke woningen bevond zich een kapel, in gebruik genomen in 1623 maar in de 19de eeuw grondig gewijzigd. In de gevel staat een vroeg-17de eeuwse gevelsteen met Christus en de tekst “Vrede sy met U”. Tot de laatste restauratie zat deze gevelsteen aan de gevel aan de gracht.
Gerestaureerde gevelsteen.
Gevelsteen met Christus: Vrede sy met
U.
Ingang met blauw betegelde gang en zicht op de waterpomp.
Op 10 september 2010 reageerde de heer Dolf Helders als volgt:
Hallo,
Misschien leuk om te weten is het volgende.
Op de Lauriergracht 103 -105 heeft heel erg lang een R.K. Kindertehuis (voor jongens) gezeten
onder de naam “Amstelstad” De achteruitgang lag aan de Elandstraat 150.
Bijgaand wat foto’s van de oude toestand en foto’s van de opendag in 1997.
De waterpomp staat er nog steeds.
De mooie trap op de binnenplaats was de toegang tot een schooltje.
Aan de grachtkant was op de eerste verdieping een flinke kapel met orgel aanwezig.
In de linkervleugel zaten de kinderen, beneden de eet- en speelzalen boven de slaapzalen.
In de rechtervleugel zaten de nonnen gehuisvest met achteraan rechts een enorme gaarkeuken.
De tweede binnenplaats leidde tot de bad- en wasruimten en boven de deur van de tweede binnenplaats lag de ziekenboeg.
Al geruime tijd zijn er tal van appartementjes in gevestigd en is het een “nieuw” hofje geworden.
Met vriendelijke groet
Dolf
Helders
Hieronder volgen de afbeeldingen die de heer Helders heeft opgestuurd:

Achterzijde in de Elandstraat 150.

Gevel Amstelstad op de Lauriergracht.

Amstelstad op de Lauriergracht.

Amstelstad op de Lauriergracht.

Amstelstad binnenplaats.

Amstelstad binnenplaats.

Amstelstad binnenplaats.

Amstelstad binnenplaats.

Amstelstad binnenplaats.

Amstelstad binnenplaats.

Amstelstad binnenplaats.

Amstelstad binnenplaats.

Amstelstad binnenplaats.

Amstelstad binnenplaats achterzijde.

Amstelstad achterzijde. Elandstraat.
Omdat daar in de loop der jaren honderden zoniet duizenden kinderen gehuisvest zijn geweest zullen er ongetwijfeld bij velen de herinneringen
weer boven komen drijven. Er zullen ongetwijfeld reacties op komen. Zelf heb ik daar in de jaren ‘50 ruim ca 3,5 jaar gewoond.
Sommige dingen vergeet je niet. Bijvoorbeeld één keer per week, op vrijdagavond, allemaal douchen en schone kleren.
Kinderen die in bed plasten moesten zelf de lakens uitspoelen en droogwringen. Op de slaapzaal sliep ook de “nachtnon” in een apart hok.
De voordeur werd alleen in het weekend voor bezoek gebruikt voor de rest ging alles via de achterzijde.
De ouders moesten zich meldden in de grote hal vooraan en alleen die kinderen die goed gedrag hadden vertoond mochten
in het weekend met de ouders mee, zo niet dan bleef je achter.
Met vriendelijke groet.
Dolf Helders